Dans1 tot 12 jaar 6 min lezen
Motoriek bij kinderen: wat is het en hoe help je je kind?
Door Helga Verrijp, dansdocent in Zoetermeer

Het korte antwoord
Motoriek bij kinderen is hoe je kind zijn lichaam beweegt en beheerst, van rennen en springen tot tekenen en knippen. Elk kind ontwikkelt dat in zijn eigen tempo, en het consultatiebureau en de jeugdarts volgen het. De motoriek van Nederlandse kinderen is de afgelopen jaren achteruitgegaan; het belangrijkste wat je kunt doen is je kind veel en met plezier laten bewegen.
Wat is motoriek bij kinderen?
Motoriek bij kinderen is alles wat te maken heeft met bewegen en je lichaam beheersen. Je onderscheidt meestal twee soorten:
- Grove motoriek: grote bewegingen met je hele lijf, zoals lopen, rennen, springen, klimmen en balanceren.
- Fijne motoriek: kleine, precieze bewegingen met handen en vingers, zoals een blokje oppakken, tekenen, knippen en een knoop dichtdoen.
Waarom motoriek ertoe doet
Bij motoriek horen ook balans en coördinatie: je evenwicht bewaren en verschillende lichaamsdelen tegelijk laten samenwerken, zoals klappen terwijl je loopt.
Volgens de landelijke richtlijn voor de jeugdgezondheidszorg (JGZ) is de motorische ontwikkeling van groot belang voor de lichamelijke ontwikkeling van een kind, en ook voor hoe het zich psychisch en sociaal ontwikkelt.
Een overzichtsstudie vond dat kinderen die goed kunnen bewegen, zich vaak ook competenter voelen. Motorische vaardigheid hing samen met hoe bekwaam kinderen zichzelf vinden, en met gezondheid: meer lichamelijke activiteit, een betere conditie, meer spierkracht en uithoudingsvermogen, en een gezond gewicht.
Let op: dat is samenhang, geen bewezen oorzaak. Volgens de onderzoekers is nog open wat oorzaak en wat gevolg is. Kinderen die goed kunnen bewegen, bewegen vaak ook meer. Dat is iets anders dan 'dansles maakt gezonder'.
Wat zie je per leeftijd?
Kinderen ontwikkelen zich in hun eigen volgorde en tempo. Dat benadrukt ook het Nederlands Jeugdinstituut (NJi): verschillen tussen kinderen zijn normaal. De leeftijden hieronder zijn daarom alleen een grove schets van wat je vaak ziet, geen meetlat.
- Dreumes (ongeveer 1 tot 2 jaar): de eerste stapjes. Lopen zonder steun gebeurt volgens het NJi meestal rond 18 maanden. Daarna volgt veel ontdekken, klauteren, oppakken en weer neergooien.
- Peuter (ongeveer 2 tot 4 jaar): rennen, klimmen en draaien worden zekerder. Peuters gaan springen en proberen bewegingen na te doen.
- Kleuter (ongeveer 4 tot 6 jaar): bewegingen worden preciezer. Denk aan huppelen, op één been staan, tekenen en knippen.
- Schoolkind (6 tot 12 jaar): kinderen combineren bewegingen tot ingewikkeldere vaardigheden, zoals fietsen, zwemmen, touwtjespringen of een dansje onthouden.
Wat oefent je kind bij dansen?
Dansen is een van de vele manieren om met motoriek bezig te zijn. Kijk je naar een dansles voor jonge kinderen, dan zie je veel grove motoriek: springen en landen, draaien, stampen, op je tenen lopen en stilstaan als de muziek stopt. Daar komen balans en coördinatie bij, bijvoorbeeld als je armen iets anders doen dan je benen.
Ook de fijne motoriek doet soms mee, bijvoorbeeld als een kind een sjaal tussen duim en vingers laat wapperen of op de maat klapt. En omdat alles op muziek gebeurt, oefent je kind ook met timing: bewegen op het juiste moment.
Of dansles de motoriek meer verbetert dan andere manieren van bewegen, is een andere vraag. Daarover lees je meer in Helpt dansen bij balans en coördinatie?
Hoe wordt de motoriek van je kind gevolgd?
Je hoeft dit niet zelf bij te houden. Het consultatiebureau en de jeugdarts volgen de motorische ontwikkeling van elk kind met het Van Wiechenonderzoek. Sinds de richtlijn van 2019 wordt bovendien bij alle kinderen van 5 à 6 jaar de motoriek bepaald met de Baecke Fassaert Motoriek Test, en niet alleen als er zorgen zijn.
Waarom gaat de motoriek van kinderen achteruit?
De motorische vaardigheid van Nederlandse kinderen is de afgelopen jaren achteruitgegaan. Dat bleek onder meer uit onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs (2018). Kinderen zitten ook veel: ongeveer twee derde van de schooldag brengen ze zittend in de klas door.
De Rijksoverheid noemt als oorzaken digitalisering, verstedelijking en te weinig veilige speelplekken. Dat zijn genoemde oorzaken, geen bewezen: hoeveel elk ervan bijdraagt, is niet aangetoond. De onderzoekers die de cijfers over achteruitgang samenvatten, wijzen er ook op dat samenhang niet hetzelfde is als oorzaak. Wel nam de overheid maatregelen. Sinds 2023 moeten alle basisscholen iedere week 2 uur gymles geven door een bevoegde leerkracht.
Volgens de Rijksoverheid beweegt bijna de helft van de Nederlandse kinderen te weinig. Bij basisschoolkinderen ligt dat iets gunstiger: in 2025 haalde 60 procent van de kinderen van 4 tot en met 11 jaar de beweegrichtlijn. Hoeveel beweging bij welke leeftijd hoort, lees je in Hoeveel moet mijn kind bewegen?
Wat kun je als ouder doen?
Het advies van het NJi is eenvoudig: laat je jonge kind minimaal 3 uur per dag bewegen, verspreid over de dag, en doe samen beweegspelletjes. 'Spelende kinderen leren vanzelf beter bewegen.' Je hoeft dus geen oefenprogramma te maken: spelen is oefenen.
Plezier hoort daar echt bij. Volgens onderzoekers hangt motorische vaardigheid al vanaf jonge leeftijd samen met hoeveel tijd kinderen bewegen en met plezier in bewegen. Een paar ideeën:
- Ga elke dag naar buiten: klimmen, rennen en balanceren gaan daar bijna vanzelf.
- Laat je kind zelf doen: de trap op, jas aan, een boterham smeren.
- Speel spelletjes met stoppen en starten, zoals stopdans. Meer ideeën vind je in Dansspelletjes met je peuter.
- Kies samen een activiteit die je kind leuk vindt, zoals zwemmen, voetbal of dansles.
- Kinderen zitten op school al veel. Plan na school dus liever iets actiefs dan nog een zitactiviteit.
- Doe zelf mee: samen bewegen is leuker.
Twijfel je over de motoriek van je kind?
Bespreek het met het consultatiebureau, de jeugdarts of je huisarts. Zij kunnen je kind onderzoeken en zo nodig doorverwijzen. Een dansles is leuk en gezond, maar geen behandeling voor motorische problemen.
Zonder zorgen, maar wel zin om samen te bewegen? In Zoetermeer kun je met je dreumes of peuter terecht bij de dreumes- en peuterles met (groot)ouder, en kleuters van 4 tot 6 jaar bij kleuterdans.
Vragen van ouders
Wat is het verschil tussen grove en fijne motoriek?
Grove motoriek gaat over grote bewegingen met je hele lijf, zoals lopen, rennen, springen en klimmen. Fijne motoriek gaat over kleine, precieze bewegingen met handen en vingers, zoals tekenen, knippen en knopen dichtdoen.
Wanneer gaat een kind lopen?
Volgens het NJi lopen kinderen meestal rond 18 maanden zonder steun. Elk kind ontwikkelt zich in zijn eigen tempo, dus eerder of later is vaak gewoon normaal. Twijfel je, vraag het dan op het consultatiebureau.
Wordt de motoriek van mijn kind getest?
Ja. Het consultatiebureau en de jeugdarts volgen de motoriek met het Van Wiechenonderzoek. Sinds 2019 wordt bij alle kinderen van 5 à 6 jaar de motoriek bepaald met de Baecke Fassaert Motoriek Test.
Helpt dansles bij een motorische achterstand?
Dansles is gezond en leuk bewegen, maar geen behandeling. Bij zorgen over de motoriek kun je het beste naar het consultatiebureau, de jeugdarts of de huisarts. Zij kunnen zo nodig doorverwijzen.
Bronnen
- Sporten en bewegen voor kinderen. Rijksoverheid, 2025.
- Het effect van beweegmomenten op school: wat weten we vanuit onderzoek? (Lichamelijke Opvoeding Magazine 2). Janssen, M., Singh, A., Hartman, E. (KVLO), 2021.
- Motor Competence and its Effect on Positive Developmental Trajectories of Health (Sports Medicine 45(9)). Robinson, L.E., Stodden, D.F., Barnett, L.M., e.a., 2015.
- Factsheet JGZ-richtlijn Motorische ontwikkeling (2019). Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ) / JGZ-richtlijnen, 2019.
- Baby | Motorische ontwikkeling: bewegen. Nederlands Jeugdinstituut (NJi), 2025.
- Kernindicator Beweegrichtlijnen. RIVM / CBS (Sport en Bewegen in Cijfers), 2025.


